Over kinderen en oorlog en Theo

Wie kinderen heeft, verliest de optie op onverschilligheid. Die woorden schreef ik ooit in een andere context en ik geloof nog altijd dat ze waar zijn. Als papa van twee toffe kerels is het voor mij niet mogelijk om in het leed van andere kinderen niet mijn eigen kinderen te zien. Ik denk daarbij aan Aylan, aan een reportage over pedofilienetwerken die ik een tijd geleden zag, aan het doodzieke meisje waarover hln.be onlangs berichtte.

 Kinderen zijn altijd weerloze slachtoffers van situaties die vaak door grote mensen worden gecreëerd. Zij hebben niets misdaan om het leed en de ellende te ondergaan die hen wordt toegebracht, tenzij op het verkeerde moment op de verkeerde plek geboren worden een misdaad is. Alleen al om die reden is mijn hart geneigd te zeggen: geef dat gezin uit Aleppo zijn visum, Theo. Omwille van de kinderen.

 Ik las op enkele plaatsen dat het gezin waaraan Theo Franckens administratie geen humanitair visum toekent, niet zoveel reden tot klagen heeft. Papa is Assad-aanhanger, het gezin woont in het voor hen veilige (want door Assads leger gecontroleerde) deel van Aleppo en hun fysieke integriteit is daardoor niet (voldoende) bedreigd. Dat lijkt me een nogal cynische lezing van een oorlogssituatie.

 Indien morgen Rusland Duitsland binnenvalt, dan bevinden wij ons hier in Vlaanderen strikt gezien in een veilig deel van Europa. Toch zou het mij verbazen indien iedereen hier dan fluitend door de straten zou wandelen en het zou mij allerminst verbazen indien een aantal onder ons het zekere voor het onzekere en dus zijn biezen neemt, richting de Amerika’s. Terecht. Het lijkt me begrijpelijk dat mensen vluchten voor een oorlog in de achtertuin die elk moment kan overslaan naar de voortuin en het huis.

 Maar.

 In het openingscollege dat ik enkele dagen geleden deelde, zei Bart De Wever iets dat me is bijgebleven en waarmee ik het rationeel eens ben. De Wever zei dat je je als politicus en zeker niet als regering niet kan laten leiden door je sentiment. Tenzij je je eigen samenleving wenst te ontwrichten, moet je als politieke leider bij momenten van je hart een steen maken. Dat is defaitistisch, dat is cynisch, maar het is tegelijkertijd ook realistisch.

Om onszelf tegen onze emoties (en tegen die van de anderen) te beschermen, hebben wij mensen wetten, regels, afspraken, conventies, akkoorden en dergelijke uitgevonden. Ook over vluchtelingen en asiel bestaan zulke wettelijke teksten. En hoewel die teksten werden geschreven in een andere context en daardoor misschien wat achterhaald lijken, blijven ze wel het enige geldige kader om de huidige contexten mee te beoordelen.

 De regelgeving omtrent het humanitaire visum is uitgebreid in de media gekomen de afgelopen weken. Zoals hierboven al beschreven, heb ik niks tegen het Syrische gezin in kwestie, integendeel, van harte welkom wat mij betreft, maar het precedentrisico lijkt ook mij rationeel bekeken té groot om uitzonderingen toe te staan op de wettelijke voorschriften. Want het is hopelijk voor iedereen duidelijk: als je het visum aan één gezin geeft, heb je geen enkele reden om het niet aan alle anderen te geven die op dezelfde manier een aanvraag zouden doen.

 Tot zover een rationeel standpunt waar ik niet echt een vrolijk gevoel bij heb. Het laat me niet onverschillig. Hopelijk hebben mijn kinderen meer geluk als Rusland morgen…

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s